Loading...
Waar wij in geloven 2016-08-02T14:16:52+00:00

GOD

De HEER, onze God, de HEER is de Enige! (Deuteronomium 6:4); De HEER is de grond en de bron van alles (Genesis 1:1); de HEER is manifest geworden in de wereld middels de Zoon (I Timoteüs 3:16); de Heilige Geest woont in jullie en zal in jullie blijven (Johannes 14:17, 18).

In Gods Woord wordt Hij onthuld (Johannes 1:1-3), Gods eigen onthulling van Zichzelf (Hebreeën 1:1-3, Jesaja 9:6) God die uit Zichzelf treedt (Openbaring 5:6,7). Daarom zal Hij hen niet langer overlaten aan hun lot dan tot de tijd dat zij die baren zal, haar kind gebaard heeft. Dan komen de rest van Zijn broeders weer samen met de zonen van Israël. (Micha 5:2 Openbaring 1:8).

De Geest van God woont in u. Iemand die zich niet laat leiden door de Geest van Christus behoort Christus ook niet toe. (Jeremia 31:31-33, Romeinen 8:9) Er is één Geest (I Korintiërs 12:13), de Geest van genade (Hebreeën 10:29), de Geest van God (Romeinen 8:9), de Geest van Jezus (Johannes 14:17, 18, Handelingen 16:7, II Korintiërs 3:17), de Bron en het Medium voor het verspreiden van Gods genade (Handelingen 2:38, I Korintiërs 12:l), Hij is essentieel voor redding (Handelingen 2:36-38, 11:14, Romeinen 8:9).

DE NAAM VAN JEZUS

De autoriteit van God is belegd in de Naam van Jezus (Filippenzen 2:9-10; Matteüs 7:22; Marcus 16:7; Johannes 14:14; Handelingen 4:12). Alles wat de gelovige doet, zowel in woord als daad, doet hij in Naam van Jezus (Kolossenzen 3:17). De Naam van Jezus wordt onze nieuwe “familienaam” (I Korintiërs 1:12-15; Romeinen 6:4: II Korintiërs 5:17), ter vervanging van de oude familienaam van “Adam “ (I Korintiërs 15:45-50). De autoriteit van de Godheid is belegd in de Naam van Jezus (Filippenzen 2:9-10; Matteüs 7:22; Marcus 16:7; Johannes 14:14;)!

DE BIJBEL

De Bijbel is geïnspireerd door God en de enige onfeilbare en autoritaire weergave van Gods Woord  (II Timoteüs 3:16; Efeziërs 3:5; II Petrus 3:2).

REDDING

Redding voor de mensheid is alleen mogelijk door het krachtdadige en vergoten bloed van Jezus Christus (Hebreeën 5:12, 26). Redding is een gift van God (Efeziërs 2:8). Zodra iemand de boodschap van God in geloof aanvaardt, zal hij gedienstig zijn aan dat geloof (Romeinen 1:5; Handelingen 6:7). Deze gedienstigheid aan het geloof (Romeinen 16:26) brengt de gelovige tot uiting door de volheid van Christus` dood, begrafenis en wederopstanding toe te eigenen.

Christus stief – Wij “scheiden ons van het oude leven” door bekering (II Korintiërs 5:17).
Christus was begraven – We zijn door de doop in Zijn dood met Hem begraven (Romeinen 6:4). Christus stond op uit de doden – als de Geest van Hem die Jezus uit de dood heeft opgewekt in u woont, zal Hij die Christus heeft opgewekt ook u die sterfelijk bent, levend maken door Zijn Geest, die in u leeft. (Romeinen 6:4; 8:11; I Korintiërs 15:45). De Apostel Petrus incorporeerde dit bij de geboorte van de kerk (Handelingen 2:38).

DE TWEEDE KOMST VAN CHRISTUS

Jezus Christus zal op aarde wederkeren om de kerk te vervoeren (I Tessalonicenzen4:16, 17), en zal, na korter tijd, terugkeren ter voorbereiding van Zijn koninkrijk op aarde (Openbaring 19:11-16; Matteüs 24:29-31).